Dordrecht in de oorlog

Een collectie van historische items van de tweede wereldoorlog in Dordrecht.

Het Korps Pontonniers en Torpedisten in Dordrecht. 

Over het Korps Pontonniers en Torpedisten. 

D
e Pontonniers hebben in de geschiedenis een lange tijd onder het wapen der Artillerie gevallen. Hetgeen de Rode bies op de kraag van het pontonniersuniform verklaard, welke we ook terugzien bij artillerie uniformen. De taak der Pontonniers was het leggen van bruggen over waterwegen waar legers zich over konden voortbewegen. Later werden de Torpedisten toegevoegd aan de Pontonniers. Zij hadden als taak om mijnversperringen onder water te leggen of te verwijderen. Hetgeen de naam Torpedisten vandaan komt. Afgeleid van het woord Torpedo. Pas in 1927 kwam het korps Pontonniers en Torpedisten als één korps onder het wapen van de Genie te vallen. Het Depot voor Pontonniers en Torpedisten was in Dordrecht gevestigd. Een deel daarvan was gelegerd in de Benthienkazerne op de Buiten-Walevest. Hier zat ook de opleidingscompagnie. Oftewel de school voor Pontonniers en Torpedisten. Een stukje verder op de Buiten-Walevest stond de Pontonnierskazerne welke vandaag de dag nog steeds bestaat. De rest van het kantonnement was tijdens de mobilisatie verdeeld over diverse locaties in Dordrecht, met name een aantal scholen in Krispijn. En ook in Papendrecht zaten Pontonniers. De sterkte van het Kantonnement was in mei 1940 bijna 1500 man. Doch was ongeveer 20% hiervan bij het uitbreken van de oorlog pas enkele dagen onder de wapenen en dus niet inzetbaar. Het betrof de jongste lichting van de schoolcompagnie. De pontonniers waren op het gebied van oorlogsvoering en wapeninzet nauwelijks of niet getraind en de meeste aandacht tijdens hun opleiding ging uit naar hun specialistische genietaak. Desondanks kenden de Pontonniers en torpedisten tijdens de meidagen een verrassende inzet die qua moed en beleid opmerkelijk was te noemen. *1 * 


Het Pontonniersuniform. 

Hieronder ziet u een Pontonniersuniform van de mobilisatieperiode in Nederland. Het is een veldgrijs buitenmodel jasje met het kenmerkende onklare anker van het wapen der Pontonniers. Dit is te zien aan de kraag, in combinatie met de twee rode biezen aan de boven en onderzijde ervan. De twee sterren aan weerskanten maken duidelijk dat het om een jas gaat die toebehoorde aan een 1e luitenant van de Pontonniers. De jas heeft vier zakken en aan de stof is goed te zien dat het hier een buitenmodel uniform betreft en niet het zogenaamde grove wol uniform wat in de regel door manschappen en vaak ook onderofficieren werd gedragen. 

Officieren konden aanspraak maken op een vergoeding voor de aankoop van een Buitenmodel Uniform. Ook hadden zij een beter salaris om zo'n aankoop te kunnen bekostigen. Het is een reden waarom er heden ten dage nog veel buitenmodel uniformen te vinden zijn en slechts weinig grove wol uniformen. Laatstgenoemde moesten de Nederlandse militairen inleveren tijdens de bezetting en werden gretig door de Duitsers doorgebruikt en omgebouwd naar Duitse model uniformen. De Buitenmodel Uniformen bleven vaak in privébezit. Deze jas is daar een voorbeeld van. Helaas is de jas niet op naam. 
Op de foto's hieronder zijn twee displaywijzen te zien. Eén met de veldgrijze kwartiermuts, en één met helm. In veel gevallen kon de officier ook nog een kepie dragen. 
De kwartiermuts met gouden bies is er één voor officieren en was voor elk dienst of wapenvak gelijk. Op de kwartiermuts zit een Oranje Leeuw. 
Op de volgende foto is de Nederlandse helm te zien met kenmerkende Leeuwplaat. De helm was in de regel voor elke militair gelijk en heeft geen karakteristieke eigenschap voor de rang van officier wat men bij andere landen soms nog wel ziet. In gevechtssituaties zou de helm worden gedragen. Daarnaast is nog een zogenaamde "Sam Brown" riem te zien met klewang of sabeldrager. De riem was bedoeld voor officieren en van hetzelfde model als Britse officieren droegen. De sabeldrager bood plaats zoals de naam al zegt aan een sabel of klewang. 


Update 12 mei 2020:

Inmiddels is het gelukt een complete mannequin neer te zetten. Hieronder ziet u daarvan de foto's:
De mannequin beeld een 1e luitenant van het Korps Pontonniers en Torpedisten uit zoals in mei 1940. Op de eerste vier foto's draagt hij zijn gevechtshelm. in zijn linkerborstzak heeft de luitenant een stafkaart van Dordrecht gestoken. Over zijn uniform draagt hij de standaard "Sam Brown" riem zoals gedragen door officieren van het Nederlandse vooroorlogse leger. Daaraan heeft hij diverse zaken bevestigd. Allereerst zijn M25 pistoolholster waar normaal gesproken het FN Browning pistool in zou zitten. Eveneens een standaard wapen onder Nederlandse officieren en ook onderofficieren. Pontonniersofficieren waren dikwijls nog uitgerust met de oudere revolver. Naast zijn holster zit het patroonmagazijntasje, welke plaats biedt aan twee patroonmagazijnen. Aan zijn heup draagt hij de klewang. Hoewel dit wapen voornamelijk nut had binnen het KNIL ( Koninklijk Nederlands Indisch Leger) als middel om zich door de jungle te bewegen, had de klewang in het Europese Nederlandse leger meer een traditioneel karakter. Desalniettemin werd de klewang door veel Nederlandse officieren en onderofficieren gedragen tijdens de meidagen van 1940. Er is zelfs een verhaal bekend van een Nederlandse militair die hier op de Grebbeberg Duitse soldaten mee te lijf is gegaan. 
Verder kijkend zien we een broek welke een andere kleur heeft dan de jas. Iets dat voor kwam. Meestal was het buitenmodel uniform kleur gelijk omdat deze als set werd aangekocht door de militair. Echter is de broek vaak het meest slijtage gevoelig waardoor de aanschaf van extra broeken nog wel eens nodig was. Het was dus niet altijd gegarandeerd dat men dezelfde kleur broek kon aanschaffen. Deze broek heeft eveneens een Rode bies net als de jas. Dit is gebruikelijk voor officieren. Over de broek draagt de luitenant beenkappen. Manschappen droegen meestal beenwindsels. Onder zijn beenkappen zien we zwarte schoenen. Ook deze werden vaak privé aangeschaft waarvoor men dan weer een vergoeding kreeg. 

Op de foto's hieronder ziet u dat de officier zijn helm heeft ingeruild voor zijn kwartiermuts. Daarnaast heeft hij een geopend pakje Nederlandse Amateur sigaretten in zijn hand. In de andere hand heeft hij één van de sigaretten vast. De mobilisatieperiode was nog een tijd waarin vrijwel iedere volwassene man rookte. Hetzij de pijp of de sigaret. 


Verbandakte Korps Pontonniers en Torpedisten met handtekening van kantonnementscommandant Josephus Adrianus Mussert. 

( Klik op de foto voor een vergroting. )

Het onderstaande document is een Verbandakte ( Arbeidscontract) voor een militair van het Korps Pontonniers en Torpedisten. De Militair tekent in deze Verbandakte voor een periode van 6 jaren. Interessant is , dat de militair deze akte ondertekende, slechts drie weken voor het begin van de oorlog in Nederland. Wat nog interessanter is , is dat Overste Mussert de akte heeft ondertekend. 
Overste Mussert was depot en kantonnementscommandant van het Korps Pontonniers en Torpedisten in Dordrecht en gaf in eerste instantie leiding aan de Nederlandse troepen in Dordrecht. Gedurende de strijd heerste er een verraadpsychose onder de troepen en ook enkele officieren waardoor Mussert niet meer werd vertrouwd en regelmatig werd beschuldigd van het feit dat hij informatie door zou spelen naar de Duitsers. Mussert was inmiddels de broer van Anton Mussert, leider van de NSB en voor velen was dat genoeg om aan te nemen dat Mussert wel een verrader moest zijn. 
Toen Dordrecht ontruimd werd vertrok Mussert net als veel andere militairen in Dordrecht naar Sliedrecht. Hier werd gepoogd door de Nederlandse officieren 1e Luitenant Kruithof en Reserve Kapitein Bom om Mussert aan te houden. Hetgeen misliep. Luitenant Kruithof schoot Mussert neer die overleed in het ziekenhuis in Gorinchem. 


Pontonniersdocument 1e luitenant Leeuwenberg. 

Onderstaand is een interessant en officieel militair document van het korps pontonniers en torpedisten in Dordrecht. Deze is gericht aan reserve 1e luitenant Leeuwenberg. Het werd samen met het militaire zakboekje teruggezonden naar de betreffende militair en er wordt ook verzocht een document terug te zenden naar het mobilisatie bureau. Wellicht werd er een beroep gedaan op de luitenant ten behoeve van de mobilisatie. Luitenant Leeuwenberg werd op 3 december 1921 bevorderd tot reserve luitenant der Artillerie en is op 3 december 1925 bevorderd tot reserve 1e luitenant en toegevoegd aan het Korps Pontonniers en Torpedisten. Het is onbekend of deze luitenant in Dordrecht was tijdens de meidagen van 1940. 


Origineel negatief van de trouwfoto van Reserve 1e luitenant J. van der Houwen. 

Hieronder is de trouwfoto van Ridder der Militaire Willemsorde der 4e klasse 1e reserve luitenant J. van der Houwen te zien in zijn uniform. Luitenant van der Houwen was officier van het achterwachtpiket op 10 mei 1940. Tijdens zijn fietsrit richting de kazerne werd hij al beschoten door Duitse parachutisten, hij was de eerst officier die aankwam bij de kazerne en trof de manschappen onvoorbereid aan. Met een twintigtal manschappen en een beperkt munitierantsoen ging hij op pad richting de Krispijnse weg om het gevecht aan te gaan met de in de Polder gelande Duitse parachutisten. De spoorwegtroepen bij Villa Weizigt en het station waren intussen al in gevecht met deze parachutisten en hadden door hun kordate optreden de voorwaarden gecreëerd voor wat later de vernietiging van vrijwel een complete Duitse compagnie parachutisten zou zijn. Toen het gevecht met de parachutisten van 3./ FJR 1 grotendeels voorbij was en al een aanzienlijk deel van de compagnie krijgsgevangen, gewond of gesneuveld was, trok luitenant van der Houwen met ongeveer een tiental pontonniers en torpedisten op naar het Bosch van de Roo om het van de laatste parachutisten te zuiveren. Zonder risico was dit bepaald niet. Zij werden constant onder vuur genomen door eigen troepen die in de waan waren dat het Duitsers waren. Opeens stonden er parachutisten op en kwam de Duitse Leutnant Schmelz naar voren met de mededeling dat hij en zijn troepen zich wilden overgeven. 
Daarmee maakte de groep van Luitenant van der Houwen in eerste instantie zo'n 30 Duitse krijgsgevangenen, En later nog een tiental. Voor zijn moed, beleid en trouw zou de luitenant van der Houwen na de oorlog benoemd worden tot Ridder van der Militaire Willemsorde der 4 klasse. *3



Handboek soldaat met bijlagen. 

 
Hier ziet u een handboek soldaat met diverse bijlagen. Wat interessant is aan dit handboek is met name de bijlage van het tableau voor de opleiding tot dpl. sergeant 1937III van 19 april-21mei 1938. Op het tableau staan de lessen die een korporaal in opleiding tot sergeant moest volgen. De namen van de militairen die deze lessen verzorgden staan onderaan op het tableau:
1 : Luitenant Fransen. 2. Adjudant Steeds. 3. Sergeant Balt. 4. Sergeant Wieringa. 6. Sergeant Majoor Troost. 7. Sergeant Roubos. 
Het handboek soldaat is een standaard uitgave van de koninklijke militaire academie. Hierin staat informatie met betrekking tot rangen en standen, insignes en wapengebruik en onderhoud. Vaak staat er nog een naam en eenheid in de kaft van dit soort boekjes geschreven, dat is hier niet het geval. 

 

Oorlogszakboekje dienstplichtig soldaat Titte Wijbrands.


Hier ziet u een oorlogszakboekje van dienstplichtig soldaat Titte Wijbrands. Hij was opgeroepen als gewoon dienstplichtige bij het Korps Pontonniers en Torpedisten in 1934. Titte werd geboren op 20 maart 1914 in Stavoren. Zijn vader Pieter Wijbrands was stoker. Het is goed mogelijk dat zijn zoon ook stoker werd en daardoor bij het Korps Pontonniers en Torpedisten werd geplaatst. Het korps was immers rijk aan militairen die een achtergrond in de scheepvaart hadden. De staat van dienst van dienstplichtig soldaat Wijbrands is niet meer bekend. Het is daardoor onduidelijk of hij onder de wapenen was in mei 1940. Wel is dit erg waarschijnlijk. 

Het oorlogszakboekje werd uitgereikt aan elke militair. Daarbij kreeg de militair een herkenningsplaatje uitgereikt om, om de nek te dragen. Op de voorkant van dat herkenningsplaatje stond de geboorteplaats van de militair, zijn geboortedatum en lichtingsnummer. Op de achterkant stond dan zijn naam. In het zakboekje stonden meer gegevens beschreven. Op de eerste pagina van het zakboekje stonden de algemene gegevens van de militair en van zijn ouders. Op de tweede pagina enkele gegevens van de militair zelf, zoals kledingmaten, bloedgroep en eventuele vaccinaties. Op pagina drie is ruimte voor aantekeningen omtrent verwondingen, overlijden en de plaats van begraven. Op pagina 4 tot en met 51 staan vervolgens bepalingen beschreven over de rechten en plichten van de militair wanneer hij gewond is, krijgsgevangen wordt gemaakt of tewerk wordt gesteld door een vijandelijke mogendheid. Daarna staan er pagina's met invulmodellen voor het noteren van het testament. Tot slot staan er achterin het boekje berichtenkaarten omtrent gewonden, zieken of overleden personen van de koninklijke landmacht op voet van oorlog. Dit waren invulkaarten ten behoeve van het informatiebureau van het Rode Kruis. Wanneer de militair kwam te sneuvelen, werden het boekje en herkenningsplaatje door het Rode Kruis ingenomen voor het verwerken, begraven en eventuele repatriëren van de gesneuvelden.  

Wat opvallend is aan dit oorlogszakboekje zijn de stempels van het Korps Pontonniers en Torpedisten - Schoolcompagnie Pontonniers. Daar het opleidingsdepot van het Korps Pontonniers en Torpedisten gevestigd was in onder andere de Benthienkazerne in Dordt en in deze kazerne ook de schoolcompagnie ondergebracht was heeft Pontonnier Titte Wijbrands in ieder geval de tijd van zijn opleiding tot pontonnier in Dordrecht doorgebracht. 
In het zakboekje is ook nog een document met liederen voor bijeenkomsten van militairen aanwezig. 


Kraagemblemen Korps Pontonniers en Torpedisten. 

Hieronder ziet u een originele set kraagemblemen ten behoeve van een militair bij het Korps Pontonniers en Torpedisten. Op elk kraagstuk van het zogenaamde "grove stof" uniform of het proefmodel uniform werden deze emblemen gedragen om aan te duiden dat de militair onderdeel was van het
K P&T. Alleen op het buitenmodel uniform vond men geborduurde kraagemblemen op de kraag. 


1e luitenant Korps Pontonniers en Torpedisten.
 

Hier vindt u het uniform van een 1e luitenant van het Korps Pontonniers en Torpedisten. Het uniform heeft wat verschillen ten opzichte van de 1e luitenant die eerder geplaatst werd op deze pagina. De jas, broek, de twee kwartiermutsen en de kepie behoorden allemaal dezelfde persoon. De schoenen, beenkappen, riem, sabel en helm zijn toegevoegd om het geheel compleet te maken. 

In de jas zit nog een naamlabel. Helaas is de naam niet leesbaar meer. De 1e luitenant van het K P&T die bovenaan de pagina is uitgebeeld is uitgerust voor het veld of het gevecht. Bij dit uniform is de keuze gemaakt om een draagwijze voor een wat meer ceremoniële gelegenheid uit te beelden. Opvallend is overigens de grote maatvoering van het uniform. Waar het meestal een probleem is om Nederlandse uniformen af te passen op een mannequin, is dit uniform eigenlijk zelfs nog een slagje te groot. Dat komt niet veel voor bij Nederlandse uniformen, hetgeen erop wijst dat de drager van het uniform zeker voor zijn tijd een grote man was. Voor de uitbeelding van het uniform is ervoor gekozen om een foto in de beeldbank van het regionaal archief Dordrecht als inspiratie te gebruiken: Deze foto toont de commando-overdracht van Overste Valliant op Overste Mussert bij de Pontonnierskazerne. Zie foto
Rechts op die foto staat een 1e luitenant van het K P&T met sabel in de hand. Hij draagt het zogenaamde "Jeneverkruis". Een medaille voor trouwe dienst voor officieren. 


De eerste drie foto's hierboven zijn een mooie weergave van de 1e luitenant die zijn officierskepie draagt. Het K P&T droeg geen regimentsnummer op de kepie. Wel droegen zij een Nederlandse leeuw op de kepie of kwartiermuts. Aan de sabeldrager van de officiersriem hangt een Yzerhouwer sabel. De klewang werd doorgaans in het veld en ook tijdens de meidagen gedragen. De sabel daarentegen werd meer bij ceremoniële gelegenheden gedragen. 
Op de borst van het uniform is een Officierskruis voor trouwe dienst geplaatst. In dit geval 25 jaar. Het kruis werd ook wel het Jeneverkruis genoemd, omdat bij uitreiking ervan, traditioneel een glaasje Jenever gedronken werd. Op de vierde foto draagt de officier zijn helm. Deze foto toont dan ook de meeste gelijkenis met de foto van het regionaal archief. Bij de foto's hieronder is wat meer ingezoomd op de jas en de kepie. Ook hier zijn op de kraag van de jas weer duidelijk de twee sterren te zien als rangonderscheidingstekens voor de rang van 1e luitenant. En de onklare ankers van het K P&T. 



Ik ben altijd op zoek naar Pontonniers gerelateerde zaken ten tijde van de mobilisatie of meidagen 1940. 

Heeft u voorbeelden van deze zaken? Ik neem ze graag op in de collectie! Mailen kan dan naar info@dordrechtindeoorlog.nl

*1 Bron: Zuidfront-Holland1940 - Kantonnement Dordrecht
*2 Bron: De groene boekjes van het museum 1940-1945 Dordrecht, deel 5, 6, 7, 8 Pontonniers, Mineurs, Sappeurs en Spoorwegtroepen. 
*3 Bron: Zuidfront-Holland1940- Dordrecht 2e fase.